De Rechtbank Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of een erfstelling in een tweetrapsmaking vervallen was al de voorwaarde in het testament niet was ingetreden.
In het testament van erflaatster is onder meer bepaald dat ‘al hetgeen bij overlijden van erflater nog onvervreemd en onverteerd over is van hetgeen hij verkreeg uit de nalatenschap van erflaatster, zal worden uitgekeerd aan partij B en partij C.
Partijen verschillen van mening over de gevolgen van deze bepaling.
Erfrecht. Verdeling van een nalatenschap. Voorwaarden in testament. Tweetrapsmaking? Verval van de erfstelling als de voorwaarde niet is ingetreden? Overlijden van erflater.
De rechter oordeelt als volgt.
Naar het oordeel van de rechtbank betreft deze bepaling een tweetrapsmaking.
Dat betekent dat erflaatster in haar testament heeft bepaald dat alles dat erflater (de ‘bezwaarde’) van haar heeft geërfd (het ‘bezwaarde vermogen’), toekomt aan partij B en partij C (de ‘verwachters’) voor zover die erfenis nog bestaat bij het overlijden van erflater (ook genoemd: ‘fideï-commis de residuo’).
Naar huidig recht gaat het om een erfstelling onder een ontbindende voorwaarde en een daarbij aansluitende erfstelling onder opschortende voorwaarde, volgens welke het vermaakte of het onverteerde deel daarvan ten deel zal vallen aan de verwachter, indien deze het aangewezen tijdstip overleeft (artikel 4:141 BW).
Partij A betoogt dat deze erfstelling is vervallen omdat voorwaardelijke erfstellingen vervallen als de voorwaarde (in dit geval het overlijden van erflater) niet is ingetreden dertig jaar na het overlijden van de erflater (in dit geval erflaatster) (artikel 4:140 BW).
Naar het oordeel van de rechtbank is dat niet juist, omdat in artikel 4:141 BW een uitzondering is opgenomen voor de tweetrapsmaking waarvan in dit geval sprake is.
De vervaltermijn van dertig jaar geldt dus niet.
Partij A wijst er ook op dat in de betreffende bepaling in het testament niets staat over een ontbindende en opschortende voorwaarde, maar zo werd een ‘fideï-commis de residuo’ naar destijds geldend recht ook niet in de wet aangeduid.
Naar huidig recht moet de bepaling in het testament van erflaatster naar het oordeel van de rechtbank gezien de strekking daarvan worden beschouwd als tweetrapsmaking in de zin van artikel 4:141 BW.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.