Van onze advocaat verdeling erfenis. De Rechtbank Overijssel heeft enige tijd geleden uitspraak gedaan over het instellen van een vordering van de ene erfgenaam als deelgenoot in de nalatenschap tegen een andere erfgenaam als deelgenoot in de nalatenschap.
Artikel 3:171 BW en HR:2018:535. De discussie die partijen voeren over een eventuele verjaring en de hoogte van de aflossingen t.a.v. van een zich in de nalatenschap bevindende vordering op een derde kan niet gevoerd worden in deze procedure. Dit betekent dat eiser en gedaagde, als zij ter zake duidelijkheid wensen, als deelgenoten ten behoeve van de nalatenschap een vordering dienen in te stellen jegens de derde.
Eiseres en gedaagde zijn zussen en enig erfgenamen van wijlen hun moeder, de in 2015 overleden mevrouw X (hierna: erflaatster).
Erflaatster heeft laatstelijk vanaf 2013 in een verpleeghuis verbleven.
In 2013 zijn de gelden en goederen van erflaatster onder bewind gesteld met benoeming van gedaagde als bewindvoerder.
Notaris L is ingeschakeld om de nalatenschap van erflaatster af te wikkelen
Deelgenoten in een nalatenschap. Instellen van een vordering tegen een deelgenoot. Verjaring van de vordering?
De rechter oordeelt als volgt.
Ten aanzien van de vordering van erflaatster op Y op het moment van overlijden van erflaatster is van belang dat de erfgenamen (eiseres en gedaagde) gezamenlijk treden in de rechten en plichten van erflaatster.
Uit de akte van levering volgt dat erflaatster op 1 oktober 2007 een vordering had op Y ad € 30.000,00. Volgens eiseres zijn na de levering van de woning betalingen verricht door Y voor een bedrag van € 4.662,00 zodat een vordering resteert van € 25.338,00. Volgens gedaagde is de vordering op Y verjaard. Indien geen sprake zou zijn van verjaring, stelt gedaagde dat Y meer heeft afgelost en wel zodanig dat de vordering € 18.016,00 bedraagt.
De rechtbank is van oordeel dat de discussie die partijen voeren over een eventuele verjaring en de hoogte van de aflossingen, niet gevoerd kan worden in deze procedure.
Immers, zij zijn de erfgenamen van de nalatenschap van erflaatster en in de nalatenschap bevindt zich een vordering op Y die mogelijk in rechte niet meer afdwingbaar is omdat deze verjaard zou kunnen zijn.
Of dit het geval is, is in deze procedure niet te beoordelen reeds omdat op verjaring een beroep moet worden gedaan.
Ook is van belang of erflaatster jegens Y de schuld heeft opgeëist in verband met de vraag welke verjaringstermijn van toepassing is.
Dit betekent dat eiseres en gedaagde, als zij ter zake duidelijkheid wensen, als deelgenoten ten behoeve van de nalatenschap een vordering dienen in te stellen jegens Y waarbij de rechtbank volledigheidshalve wijst op het bepaalde in artikel 3:171 BW en de uitleg die de Hoge Raad hieraan heeft gegeven in een arrest van 6 april 2018, HR:2018:535 op grond waarvan de mogelijkheid bestaat voor een deelgenoot om ten behoeve van de gemeenschap een vordering of verzoekschrift in te dienen jegens een andere deelgenoot, dan wel jegens derden.
In ieder geval kan eiseres jegens gedaagde niet de helft van de gestelde vordering op Y opeisen zodat dat deel van de vordering zal worden afgewezen. Wel kan worden bepaald dat zich in de nalatenschap een vordering bevindt op Y. Of deze vordering in rechte afdwingbaar is, staat, gelet op het voorgaande, niet vast evenmin wat de hoogte is van het resterende bedrag.
De rechtbank overweegt ter zake dat tijdens de comparitie van partijen niet duidelijk is geworden of inmiddels de werkzaamheden met betrekking tot de verdeling van de nalatenschap zijn afgewikkeld of dat nog een aanvullende nota van notariskantoor L wordt verwacht.
Indien de werkzaamheden afgewikkeld zijn en geen andere kosten worden verwacht, valt niet in te zien waarom de bankrekeningen van erflaatster aangehouden dienen te blijven en kunnen deze, nadat de vordering van gedaagde en de factuur van notariskantoor L zijn voldaan en het overblijvende saldo is verdeeld tussen eiseres en gedaagde, worden opgeheven. Gedaagde zal alsnog in de gelegenheid worden gesteld zich hierover bij akte nader uit te laten.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag over de vereffening en verdeling van een erfenis, over het instellen van rechtsvordering namens de nalatenschap of tegen een andere erfgenaam, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.