Van onze advocaat verdeling erfenis. De Rechtbank Rotterdam heeft op 6 juni 2018 uitspraak gedaan over het afleggen van rekening en verantwoording bij volmachtsverlening.

In de periode voorafgaand aan de volmacht is gedaagde niet verplicht tot rekening en verantwoording. In de periode van de volmacht is het gebruik van de volmacht niet vast komen te staan. Bovendien volgt uit vaste rechtspraak dat er geen rekening en verantwoording aan de erfgenamen afgelegd hoeft te worden als niet is komen vast te staan dat erflaatster ten tijde van de volmachtsverlening en bij gebruikmaking van de volmacht niet in staat was haar wil te bepalen en erflaatster bij leven geen aanleiding had gezien om de gevolmachtigde ter verantwoording te roepen, en als er geen sprake is van misbruik van omstandigheden (HR2005:AS4167). In de periode na de volmacht is gedaagde ex artikel 4:151 BW verplicht rekening en verantwoording af te leggen, maar dat is reeds gedaan.

Aan de orde is de vraag of gedaagde gehouden is rekening en verantwoording af te leggen over het al dan niet door haar gevoerde beheer over het vermogen van erflaatster. Hierbij dient onderscheid gemaakt te worden tussen de periode vóór de volmacht, van de volmacht en na het overlijden van erflaatster (na de volmacht).

Periode voorafgaand aan de volmacht

Eiseres stelt dat gedaagde rekening en verantwoording moet afleggen over de keren dat zij voor erflaatster grote bedragen aan eurobiljetten bij de bank heeft opgehaald, te weten op 12 november 2008, 5 maart 2010, 15 augustus 2011 en 23 oktober 2012.

Eiseres vermoedt dat deze geldopnames bedoeld zijn geweest voor schenkingen. Als dat zo zou zijn, dan zijn de afstammelingen van erflaatster volgens [eiseres in conventie, verweerster in reconventie] niet gelijk behandeld.

Gedaagde betwist dat zij gehouden is tot het afleggen van rekening en verantwoording over de periode voorafgaand aan de volmachtsverlening. Gedaagde was toen niet gerechtigd tot het beheer over het vermogen van erflaatster. Erflaatster beheerde haar financiële zaken toen zelf.

Vaststaat dat in de periode van 12 november 2008 tot en met 23 oktober 2012 geen sprake was van een volmacht van erflaatster aan gedaagde. Erflaatster behartigde in deze periode haar eigen (financiële) belangen. De volmacht is pas verleend op 3 september 2013. Er bestaat derhalve geen grondslag om gedaagde tot rekening en verantwoording te verplichten voor de periode voorafgaand aan de volmacht. De vordering zal daarom, voor deze ziet op de periode voorafgaand aan de volmacht, worden afgewezen.

Periode van de volmacht

Eiseres stelt voorts dat gedaagde op basis van de bevoegdheid die specifiek in de volmacht is opgenomen, rekening en verantwoording moet afleggen over de periode van de volmacht.

Volgens eiseres was erflaatster aan het einde van haar leven regelmatig in de war door blaasontstekingen en deed gedaagde feitelijk de (financiële) administratie. Eiseres stelt dat (grote) geldbedragen aan het vermogen van erflaatster zijn onttrokken die vermoedelijk niet in opdracht van erflaatster dan wel passend binnen de volmacht zijn “uitgevoerd”.

Gedaagde betwist dat zij rekening en verantwoording over het vermogen van erflaatster moet afleggen aan eiseres.

Erflaatster heeft gedaagde gevolmachtigd voor het geval haar iets zou overkomen. Gedaagde heeft niet of nauwelijks als gevolmachtigde van erflaatster opgetreden. Erflaatster is tot het laatste moment helder van geest geweest. Zij was in staat haar wil te bepalen en haar financiën te doen en te begrijpen. Gedaagde heeft haar hierbij slechts af en toe geholpen. Nu erflaatster gedaagde nooit verzocht heeft om rekening en verantwoording af te leggen, is eiseres verweerster daar volgens gedaagde ook niet toe gerechtigd. Bovendien heeft gedaagde reeds uitgebreid gereageerd op de door eiseres gestelde vragen over het door gedaagde gevoerde beheer over het vermogen van erflaatster, zodat eiseres thans geen belang heeft bij rekening en verantwoording.

Afleggen van rekening en verantwoording bij volmachtsverlening? Erflater wilsonbekwaam? Onbehoorlijke taakvervulling executeur?

De rechter oordeelt als volgt.

Een volmacht op zichzelf impliceert geen verplichting tot het doen van rekening en verantwoording.

De wet kent ook geen bepaling waaruit een verplichting tot het afleggen van rekening en verantwoording blijkt.

In de volmacht van erflaatster is echter een clausule opgenomen over het afleggen van rekening en verantwoording: ‘Rekening en verantwoording hoeft alleen aan volmachtsgeefster [de rechtbank leest: erflaatster] op haar verzoek en aan haar dochter [de rechtbank leest: [eiseres] die daarom verzoekt te worden afgelegd.

Op basis van deze clausule kan gedaagde als gevolmachtigde gehouden zijn tot het doen van rekening en verantwoording aan eiseres.

Omdat gedaagde heeft betwist dat zij als gevolmachtigde van erflaatster heeft opgetreden, is het gebruik van de volmacht niet vast komen te staan.

Het had op de weg van eiseres gelegen om haar stelling dat gedaagde als gevolmachtigde heeft opgetreden te onderbouwen, hetgeen zij heeft nagelaten.

Zelfs al zou het gebruik van de volmacht door gedaagde vaststaan, dan nog is het de vraag of gedaagde jegens eiseres gehouden is tot het doen van rekening en verantwoording over het door haar gevoerde beheer over het vermogen van erflaatster.

De hierboven genoemde clausule dat eiseres rekening en verantwoording kan verzoeken, lijkt geschreven te zijn voor een situatie dat erflaatster niet meer wilsbekwaam (compos mentis) zou zijn.

Bovendien volgt uit vaste rechtspraak dat er geen rekening en verantwoording aan de erfgenamen afgelegd hoeft te worden als niet is komen vast te staan dat erflaatster ten tijde van de volmachtsverlening en bij gebruikmaking van de volmacht niet in staat was haar wil te bepalen en erflaatster bij leven geen aanleiding had gezien om de gevolmachtigde ter verantwoording te roepen, en als er geen sprake is van misbruik van omstandigheden (HR2005:AS4167).

Gedaagde betwist de stelling van eiseres dat de (geestelijke) gezondheid van erflaatster aan het einde van haar leven was afgenomen.

Volgens gedaagde was erflaatster tot aan haar sterfdag bekwaam en bevoegd om naar eigen inzicht over haar vermogen te beschikken en heeft zij geen aanleiding gezien om gedaagde ter verantwoording te roepen over de wijze waarop zij de volmacht gebruikt heeft.

Nu eiseres ter zitting heeft bevestigd dat zij haar stelling niet kan onderbouwen met een verklaring van een arts die erflaatster op dit punt heeft onderzocht, is niet vast komen te staan dat erflaatster haar wil niet meer goed kon bepalen.

Ook heeft eiseres niet (voldoende) onderbouwd dat erflaatster gedaagde ter verantwoording had willen roepen of dat gedaagde misbruik van omstandigheden heeft gemaakt.

Gelet hierop is gedaagde jegens eiseres niet gehouden tot rekening en verantwoording over het, al dan niet, door haar gevoerde beheer over het vermogen van erflaatster. De vordering zal daarom, voor deze ziet op de periode van de volmacht, worden afgewezen.

Periode na de volmacht

Eiseres stelt dat gedaagde tevens rekening en verantwoording moet afleggen over betalingen die zijn gedaan na het overlijden van erflaatster, te weten huurtermijnen ad € 2.000,- aan gedaagde zonder dat hier een schriftelijke huurovereenkomst aan ten grondslag ligt, een gift ad €10,- aan Koninklijke Fanfare Apollo te Goedereede (hierna: Fanfare Apollo) en een ‘verkeerde boeking’ ad € 235,20 aan gedaagde. Volgens eiseres heeft gedaagde deze bedragen onterecht uit het vermogen van erflaatster betaald.

Gedaagde betwist dat zij rekening en verantwoording aan eiseres moet afleggen omdat zij dit reeds gedaan heeft door beantwoording van de vragen van eiseres via de notaris.

Zo bestond voor de huur van de opslag van de spullen van erflaatster een mondelinge huurovereenkomst, is erflaatster na de gift aan Fanfare Apollo uit het administratiebestand van de fanfare gehaald en ziet de ‘verkeerde boeking’ op een nota van Stichting Zorg en Verpleging Goeree-Overflakkee die gedaagde per abuis van haar eigen rekening had betaald in plaats van de rekening van erflaatster.

Eiseres verzoekt geen rekening en verantwoording van gedaagde in haar hoedanigheid als gevolmachtigde, maar van gedaagde in haar hoedanigheid als executeur.

Het betreft immers de periode na het overlijden van erflaatster. De grondslag voor deze vordering betreft daarom niet de volmacht, maar artikel 4:151 BW.

In feite wenst eiseres rekening en verantwoording over dezelfde onderwerpen waarover zij via de notaris vragen heeft gesteld aan gedaagde. Gedaagde heeft deze vragen beantwoord, maar eiseres kan zich niet vinden in de toelichting van gedaagde.

Feitelijk stelt eiseres dat gedaagde niet als een goed executeur heeft gehandeld.

De rechtbank overweegt daartoe als volgt.

Dat gedaagde spullen van erflaatster in één van haar schuren heeft opgeslagen en daarvoor huur heeft ontvangen, betekent niet dat gedaagde niet als een goed executeur heeft gehandeld.

Het is niet ongewoon dat bij een verhuizing naar een verzorgingstehuis spullen (nog) niet worden verkocht, maar opgeslagen worden. Bovendien lag er een mondelinge huurovereenkomst aan de opslag ten grondslag.

Dat eiseres niet van deze huurovereenkomst op de hoogte was, kan niet aan gedaagde worden toegerekend nu het een overeenkomst tussen erflaatster en gedaagde betrof.

Vanaf het moment dat eiseres aan gedaagde heeft medegedeeld dat zij de spullen van erflaatster mag hebben, heeft gedaagde geen huur meer gerekend voor de opslag. Ook de huurprijs van €250,- per maand wordt niet onevenredig hoog geacht, nu uit de door gedaagde overgelegde stukken blijkt dat andere huurders ook dit bedrag maandelijks betalen voor de huur van een schuur.

Dat erflaatster Fanfare Apollo altijd financieel steunde en gedaagde daarom uit naam van erflaatster nog een laatste gift zou hebben gegeven, is geen reden die aan eiseres kan worden tegengeworpen.

Deze gift dient voor rekening van gedaagde te komen. Gedaagde zal daarom worden veroordeeld tot betaling van € 10,- aan eiseres.

Tenslotte blijkt uit de door gedaagde overgelegde stukken dat de ‘verkeerde overboeking’ een factuur ad € 231,30 van Stichting Zorg en Verpleging Goeree-Overflakkee betreft die gedaagde heeft betaald in plaats van dat zij die via de bankrekening van erflaatster heeft betaald. Gedaagde heeft vervolgens per abuis een bedrag ad € 235,30 in plaats van een bedrag ad € 231,30 naar zichzelf overgemaakt. Hoewel dat niet aangemerkt kan worden als onbetamelijk handelen van een executeur, zal gedaagde het teveel aan zichzelf betaalde bedrag ad € 4,- aan de nalatenschap van erflaatster moeten terugbetalen.

Gelet op het vorenstaande heeft gedaagde als een goed executeur gehandeld, doch zal zij het bedrag ad € 14,- dat zij (teveel) uit het vermogen van erflaatster aan zichzelf heeft uitgekeerd moeten terugbetalen aan de nalatenschap.

Gedaagde is dan ook niet gehouden tot (verdere) rekening en verantwoording over betalingen na het overlijden van erflaatster. De vordering zal, voor zover deze ziet op de periode na de volmacht, voor het overige worden afgewezen.

Nu de vordering tot het afleggen van rekening en verantwoording over het door gedaagde gevoerde beheer over het vermogen van erflaatster grotendeels is afgewezen, behoeft de vordering tot terugbetaling aan de nalatenschap geen bespreking meer. Deze vordering zal worden afgewezen.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag over de vereffening en verdeling van een erfenis, over de taken en bevoegdheden van een executeur, over volmachtsverlening of over het afleggen van rekening en verantwoording in het erfrecht, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.