Het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft op 29 september 2022 uitspraak gedaan over de vraag of een aantal door de executeur gemaakte kosten waren aan te merken als kosten van de executele.
De executeur stelt het volgende over de kosten van executele.
De executeur heeft zijn taken uitgevoerd zonder loon.
Het voeren van verweer in eerste aanleg heeft de executeur in privé gedaan.
Ook zijn de kosten van mediation niet voor rekening van de nalatenschap gebracht.
Deze heeft verweerster voor haar rekening genomen.
Voor het voeren van verweer in de onderhavige hoger beroepsprocedure is sprake van verplichte procesvertegenwoordiging.
Ook de juridische inhoud van de discussie noopt tot het inschakelen van juridische bijstand.
Deze procedure is nodig om te komen tot een correcte boedelbeschrijving en dito afwikkeling van de nalatenschap.
Deze procedure is in het belang van de erfgenamen en uitdrukkelijk niet in het belang van de executeur, want die heeft immers geen enkel belang bij de uitkomst van de zaak.
Naar de mening van betrokkene had deze procedure bovendien voorkomen kunnen worden althans de discussie had aanzienlijk minder omvangrijk kunnen zijn, indien appellanten in een eerder stadium van de afwikkeling constructief hadden meegewerkt.
In november 2017 lag een conceptakte van verdeling voor ondertekening gereed.
In juni 2020 werd nogmaals een aangepaste conceptakte opgemaakt.
Gedurende het hele proces tot aan het opstellen van deze laatste is er, behoudens enkele zaken die op verzoek van appellant(en) nader zijn toegelicht en akkoord zijn bevonden, geen bezwaar geuit.
Pas na indiening van het verzoek bij de rechtbank in 2020 zijn voor het eerst juridisch inhoudelijke bezwaren geuit, aldus betrokkene.
De kosten van de executele zijn schulden van de nalatenschap en komen voor rekening van de erfgenamen (art. 4:7 lid 1 onder d BW).
De kosten zijn in alle redelijkheid gemaakt en dienen zoals gezegd het belang van de erfgenamen en de afwikkeling van de nalatenschap.
Het gaat immers niet om bijvoorbeeld een verzoek tot ontslag van de executeur. Van aantoonbare fouten is ook geen sprake.
Er bestaat gelet op de aard van de kosten, de reden voor het ontstaan daarvan, de verwijtbaarheid en de vermijdbaarheid en gelet op de omvang van de nalatenschap geen aanleiding om te oordelen dat de executeur deze kosten geheel of gedeeltelijk zelf moet dragen.
Zou er al sprake van zijn dat de kosten gedeeltelijk voor rekening van de executeur zelf zouden moeten komen, dat zal dit aan de orde komen bij de rekening en verantwoording door de executeur (zie ook Hof Arnhem-Leeuwarden 19 februari 2019, ECLI:NL:GHARL:2019: 1587).
De executeur vertegenwoordigt als executeur het belang van de nalatenschap en daarom is het niet redelijk om wanneer hij door de erfgenamen in een procedure wordt betrokken de daarmee gemoeide kosten, waaronder die van rechtsbijstand, voor zijn eigen rekening zou moeten laten komen.
Betrokkenen zijn dan ook van mening dat deze juridische kosten voor rekening van de nalatenschap dienen te komen.
Conform de wettelijke regeling en vaste rechtspraak komen de kosten van de executele in beginsel voor rekening van de nalatenschap.
Betrokkenen zien in dit geval geen reden van deze hoofdregel af te wijken.
Betrokkenen bestrijden het oordeel van het hof dat sprake zou zijn van gebrekkige informatievoorziening, als gevolg waarvan niet alle kosten voor rekening van de nalatenschap zouden kunnen komen.
Het hof lijkt hiermee aan te geven dat de executeur ‘voor straf’ niet al zijn kosten bij de nalatenschap kan onderbrengen.
Voor een dergelijke vergaande consequentie bestaat naar de mening van betrokkenen geen enkele aanleiding.
Het is de executeur in de uitoefening van zijn functie praktisch onmogelijk gemaakt om met de erfgenamen te communiceren.
Informatie waarvan verzoekers aangeven die nooit te hebben ontvangen, hebben zij wel degelijk ontvangen.
Betrokkenen hebben in dit verband herhaald dat huns inziens van onvolledige informatieverstrekking geen sprake is geweest en er dus geen aanleiding is tot correctie in welke omvang dan ook, onder aanhaling van diverse voorbeelden ter nadere onderbouwing van hun standpunt.
Verzoekers hebben het volgende betoogd.
De juridische kosten die worden opgevoerd in verband met het voeren van onderhavige procedure (inclusief eerste aanleg) zouden niet gemaakt hoeven worden, indien betrokkenen van meet af aan openheid van zaken hadden gegeven.
Deze kosten behoren niet ten laste van de nalatenschap te worden gebracht.
Verzoekers hebben eveneens juridische kosten moeten maken.
Zij worden al langer bijgestaan.
In verband met de afwikkeling van de nalatenschap hebben zij aanzienlijke en hogere kosten gemaakt dan de betrokkenen.
Indien kosten ten laste van de nalatenschap zouden komen, zou dat naar het oordeel van verzoekers. ook voor hun kosten gelden, die inmiddels ruim € 20.000 bedragen.
Erfrecht. Executele. Kosten van executele. Juridische kosten. Rechtsbijstand. Advocaatkosten. Erfgenamen. Belang. Schulden van de nalatenschap. Toerekening. Toetsing.
De rechter oordeelt als volgt.
De opgevoerde kosten zien op de kosten van de procedure in hoger beroep, derhalve de kosten van rechtsbijstand aan de executeur en betrokkene via rechtsbijstand van mw. mr. L.
De executeur en betrokkene zijn in hoger beroep als zodanig “samen opgetrokken”.
De executeur zelf was ten tijde van het hoger beroep geen executeur meer en de procedure ging en gaat in hoofdzaak om de omvang van de nalatenschap.
De positie van de executeur als zodanig is in het hoger beroep formeel niet of nauwelijks aan de orde geweest, zoals uit het beroepschrift al aanstonds bleek.
De procedure in hoger beroep ziet in zeer overwegende mate, zo niet uitsluitend, op de materiele positie van de verschillende erfgenamen in het licht van de omvang van de nalatenschap als verdeeld in twee kampen : verzoekers. en betrokkene en haar zonen.
Dat daarbij door de executeur opgestelde stukken (onvermijdelijk) ter discussie staan en ook zijn optreden vóór zijn defungeren (deels) wordt beoordeeld doet aan het voorgaande niet of onvoldoende af.
In procedures tussen erfgenamen in dezelfde nalatenschap plegen de door ieder gemaakte kosten van rechtsbijstand, zowel voor als tijdens de procedure, door betrokkenen zelf te worden gedragen door middel van de zogenaamde compensatie van kosten.
Het hof ziet geen aanleiding daar thans anders over te oordelen, door betrokkene haar kosten betreffende het hoger beroep (samen met de executeur) wel ten laste van de nalatenschap te laten brengen en de kosten van verzoekers niet.
De betreffende kosten dienen dus voor rekening van betrokkene te blijven.
Dit geldt ook voor de door verzoeker plots bij antwoordakte opgevoerde kosten van de eerste aanleg en hoger beroep ad € 20.000,- : die dienen dus voor rekening van verzoeker te blijven.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.