Van onze advocaat verdeling erfenis. De Rechtbank Noord-Nederland heeft op 19 juli 2017 uitspraak gedaan over het afleggen van rekening en verantwoording alvorens tot de verdeling van de nalatenschappen van de overleden ouders kan worden overgegaan.

De advocaat van eisers verlangt onder meer, kort gezegd, dat gedaagde rekening en verantwoording zal afleggen over het door hem als gevolmachtigde gevoerde beheer. Als grond hiervoor voert de advocaat van eisers aan dat gedaagde verzuimd heeft inzicht te verschaffen in het verloop van het vermogen van erflaatster na haar overlijden en over zijn beheer als gevolmachtigde. Weliswaar is het hele bezit per 25 maart 2012 beschreven, maar geen inzicht is verschaft in de door de boedel ontvangen opbrengsten ter zake van rente en dividenden en uit de verkoop van aandelen. Evenmin is inzicht verschaft in de ten laste van de boedel gebrachte kosten.

Daarbij speelt dat gedaagde zonder daartoe als beheerder bevoegd te zijn geweest gelden tot een totaalbedrag van € 150.000,00 heeft overgeboekt naar een privé rekening.

De advocaat van gedaagde is van mening dat eisers onvoldoende heeft onderbouwd waarom eisers belang hebben bij de vordering tot het afleggen van rekening en verantwoording. De eisers kennen immers de waarde van de effectenportefeuille en heeft aangegeven dat van die waarde kan worden uitgegaan. Gedaagde heeft na genoemde datum de effecten te gelde gemaakt en vermag, nu overeenstemming bestaat over de waarde, niet in te zien welk belang eisers nog hebben bij een afschrift van het effectendepot. Het saldo van alle bankrekeningen tezamen bedroeg volgens gedaagde € 62.298,00. Hij verwijst hierbij naar het overzicht van 7 augustus 2013, gemaakt met het oog op de aangifte erfbelasting betreffende de nalatenschap van erflaatster. Hieruit blijkt voldoende, aldus de advocaat van gedaagde , wat er op de bankrekeningen stond op het moment van overlijden en wat de waarde van de effecten was. Gedaagde betwist dat hij niet bevoegd zou zijn geweest om voormeld bedrag van € 150.000,00 op een privé rekening te zetten en wijst erop dat dit geld steeds beschikbaar is gebleven.

Het afleggen van rekening en verantwoording

De rechtbank overweegt dat gedaagde als deelgenoot die voor de overige deelgenoten het beheer heeft gevoerd op grond van artikel 3:173 BW gehouden is jaarlijks en in ieder geval bij het einde van zijn beheer rekening en verantwoording te doen wanneer een deelgenoot dat vordert, zoals thans gedaan door eisers.

Een dergelijke vordering behoeft geen bijzondere onderbouwing, zodat gedaagde ten onrechte klaagt over het ontbreken daarvan. De rechtbank deelt verder niet de mening van gedaagde dat hij niet meer inzicht zou hoeven te verschaffen dan hij tot nu toe heeft gedaan. Zo mag bijvoorbeeld duidelijk zijn dat in het kader van de verdeling niet de waarde van de effecten ten tijde van het overlijden relevant is, maar de waarde ten tijde van de verdeling, althans de waarde ten tijde van de tegeldemaking. Evenzo is uiteraard relevant of er na het overlijden nog dividenden zijn genoten. Niettemin heeft gedaagde hierover, ondanks verzoeken van eisers, geen inzicht verschaft aan de hand van bewijsstukken. Ook heeft hij verzuimd, ondanks verzoek daartoe en anders dan op zijn weg lag, om bewijsstukken en bankafschriften over te leggen, waaruit volledig het verloop van de bankrekeningen over de periode vanaf het overlijden tot heden blijkt.

Zonder een behoorlijke rekening en verantwoording, onderbouwd met bewijsstukken of bankafschriften, is in ieder geval niet duidelijk welke waarde moet worden gehanteerd op het moment dat de verdeling plaatsvindt. Daarbij neemt de rechtbank in aanmerking dat met name in verband met het ontbreken van een rekening en verantwoording verschil van mening bestaat over de saldi van de bankrekeningen en de waarde van de effecten.

Verder is zonder een rekening en verantwoording als bedoeld niet goed in te schatten hoe de door gedaagde gedane overschrijvingen van in totaal € 150.000,00 naar een privé rekening moeten worden gewaardeerd. Wat betreft dit laatste vindt de rechtbank overigens geen aanleiding om er op voorhand vanuit te gaan dat gedaagde voormeld bedrag niet steeds beschikbaar heeft gehouden, zoals hij stelt, ook al heeft hij genoemde overschrijvingen gedaan, ongeacht de vraag of hij daartoe als gevolmachtigde gerechtigd was.

Naar het oordeel van de rechtbank verdraagt vaststelling van de verdeling, zoals gevorderd, zich niet met de thans uit te spreken veroordeling van gedaagde om rekening en verantwoording af te leggen nu juist mede uit die nog op te maken rekening en verantwoording, in het bijzonder ook uit de door gedaagde daarbij over te leggen bewijsstukken of bankafschriften de te verdelen waarde nog moet blijken.

Naar het oordeel van de rechtbank mag worden aangenomen dat de door gedaagde aan te leveren gegevens niet moeilijk te doorgronden zullen zijn en op zich geen rechterlijk oordeel vergen. Het gaat hier immers slechts om overzichten of rekeningafschriften, waaruit eenvoudig moet kunnen worden opgemaakt of er na het overlijden van erflaatster nog inkomsten of uitgaven zijn geweest en of er een waardevermeerdering van de effecten is geweest, waarbij wat de uitgaven betreft geldt dat deze buiten beschouwing kunnen worden gelaten voor zover zij niet de kosten of schulden betreffen die op grond van dit vonnis in aanmerking moeten worden genomen.

Gelet hierop ziet de rechtbank dan ook weliswaar geen ruimte om de verdeling vast te stellen, maar wel om de wijze van verdeling te bepalen, mede rekening houdend met de thans nog onbekende, maar op korte termijn door gedaagde aan te reiken gegevens, zulks naar redelijkheid en billijkheid. Daarbij leest de rechtbank het gevorderde als een mede daartoe strekkende vordering en wel meer specifiek: als een vordering om de wijze van de verdeling te bepalen van de onverdeeldheid waarin partijen zich bevinden, bestaande uit de nog onverdeelde nalatenschappen van zowel erflaatster als erflater.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u vragen over de verdeling en afwikkeling van een erfenis, het afleggen van rekening en verantwoording of de verdeling van de erfenis door de rechter, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.