Van onze advocaat verdeling erfenis. Het Gerechtshof Den Haag heeft op 20 februari 2018 uitspraak gedaan over de vraag of informatie verstrekt diende te worden over een erfrechtelijke aanspraak van de erflater op de nalatenschap van erflaters zuster.

Kort weergegeven gaat het in deze zaak om het volgende. Op 18 oktober 2013 is de vader van de zus en de broer overleden.

Het huwelijk van de vader en de moeder is op 21 januari 1994 door echtscheiding ontbonden.

De vader heeft niet bij uiterste wil over zijn nalatenschap beschikt. De zus en de broer hebben de nalatenschap beneficiair aanvaard.

Komt aan de broer een vordering toe wegens onrechtmatige gedragingen van de zus ter zake informatieverstrekking over de nalatenschap van tante?

 Informatieverstrekking over een aanspraak op een nalatenschap. Onrechtmatige daad? Onrechtmatige gedragingen van de zus ten aanzien van de nalatenschap van tante?

De rechter oordeelt als volgt.

In de grief voert de broer aan dat de rechtbank ten onrechte in het vonnis van 29 juni 2016 overweegt dat de broer geen vordering toekomt wegens onrechtmatige gedragingen van de zus ter zake van informatieverstrekking over de nalatenschap van tante.

De zus is bij vonnis in kort geding van 13 maart 2015 veroordeeld tot het verstrekken van alle relevante gegevens met betrekking tot tante.

De broer wilde nagaan of de vader aanspraken had op de nalatenschap van zijn zuster.

De zus weigerde daarover informatie te verstrekken.

De advocaat van de broer is daarop zelf onderzoek gaan verrichten en dit wees uit dat noch de broer noch de vader in het testament van tante worden genoemd.

De zus heeft een beneficiaire aanvaarding gedaan ten aanzien van deze nalatenschap.

De broer vordert de kosten van door zijn advocaat verrichte werkzaamheden, zes uren, derhalve een bedrag van € 1.398,28, op grond van artikel 6:162 BW (onrechtmatige daad).

De zus stelt van meet af aan kenbaar te hebben gemaakt dat de vader geen erfgenaam was van tante.

Zij had geen wettelijke verplichting jegens de vader of jegens de broer om kenbaar te maken dat zij zelf wel erfgenaam was.

De zus heeft de personalia van tante verstrekt en uitvoering gegeven aan het vonnis van 13 maart 2015.

Omdat de broer de mededeling van de zus, dat de vader geen erfgenaam was in die nalatenschap, niet wilde aannemen, is hij zelf onderzoek gaan doen.

Dit staat hem vrij maar de kosten daarvan kunnen niet bij de zus in rekening worden gebracht.

De zus acht de door de advocaat aan deze kwestie bestede tijd onbegrijpelijk. Van enig onrechtmatig handelen van de zus is geen sprake geweest. Voor de zus bestond geen informatieplicht jegens de broer.

Het hof is van oordeel dat de rechtbank terecht deze vordering van de broer heeft afgewezen.

De broer is geen deelgenoot ter zake de erfenis van tante. Dat de broer er voor kiest om onderzoek te plegen en kosten te maken staat hem vrij maar hij kan dit niet op de zus afwentelen.

Rechtens bestond er geen verplichting voor de zus om de broer mee te delen wie de erfgenamen van tante waren. Zij heeft dan ook niet onrechtmatig jegens de broer gehandeld. De grief wordt gepasseerd.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag over de vereffening en verdeling van een erfenis, over de legitieme of over het kindsdeel of over informatieverstrekking over de omvang van een erfenis, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.