Het Gerechtshof Amsterdam heeft onlangs uitspraak gedaan over de benoeming van een onzijdig persoon door de rechter vanwege het ontbreken van medewerking van een erfgenaam bij de verdeling van een nalatenschap.

Met de grief betoogt eiser dat de rechtbank ten onrechte een onzijdig persoon heeft benoemd om namens eiser te beslissen en ten onrechte mr. B heeft benoemd.

Hij is bereid aan een eerlijke verdeling mee te werken, maar een verdeling kan niet eerlijk zijn als gedaagden al vele zaken uit het appartement hebben gehaald voordat hij toegang kreeg.

Om die reden heeft hij zich tegen de verdeling verzet.

Gedaagde voert verweer.

Zij stelt dat eiser niet meewerkt aan een verdeling van de nalatenschap.

Zij wijst daartoe onder andere op de opsomming van de feiten in het vonnis van de voorzieningenrechter van 2 augustus 2017.

Erfrecht. Verdeling van een nalatenschap. Weigering tot medewerking aan de verdeling door erfgenaam? Levering. Benoeming van een onzijdig persoon door de rechter.

De rechter oordeelt als volgt.

Artikel 3:181 lid 1 Burgerlijk Wetboek (BW) bepaalt als volgt:

Voor het geval dat deelgenoten of zij wier medewerking vereist is, niet medewerken tot een verdeling nadat deze bij rechterlijke uitspraak is bevolen, benoemt de rechter, op verzoek van de meest gerede partij een onzijdig persoon die hen bij de verdeling vertegenwoordigt en daarbij hun belangen naar eigen beste inzicht behartigt.

Zowel in eerste aanleg als in hoger beroep heeft eiser aangevoerd dat hij zich tegen de verdeling heeft verzet, omdat gedaagden al vele zaken uit het appartement hebben gehaald voordat hij toegang kreeg en dat dat niet eerlijk was.

Gedaagde betwist deze stelling gedetailleerd.

Daartegenover had het op de weg van eiser gelegen zijn stelling nader toe te lichten, hetgeen hij niet heeft gedaan.

Eiser heeft evenmin toegelicht waarom deze door hem gestelde gang van zaken ertoe zou moeten leiden dat een verdeling niet mogelijk is.

Gedaagde heeft daarnaast erop gewezen dat eiser niet wilde meewerken aan de verkoop van het appartement waardoor zij de kortgeding procedure heeft moeten starten die heeft geleid tot het vonnis van 2 augustus 2017.

Daarbij is eiser veroordeeld mee te werken aan de verkoop en levering van het appartement, waarbij de voorzieningenrechter onder andere van belang heeft geacht dat sprake is geweest van een groot aantal bezichtigingen waaruit slechts één bod is voortgevloeid en heeft overwogen dat eiser niet heeft onderbouwd waarom hij vraagtekens plaatste bij de adviezen van de makelaar omtrent de verkoop.

Het hof leidt hieruit af dat eiser ook aan de verkoop van het appartement niet heeft meegewerkt, wat tot vertraging van de verdeling heeft geleid.

Voor de benoeming van een onzijdig persoon op grond van artikel 3:181 lid 1 BW is de reden van het ontbreken van medewerking van een deelgenoot niet van belang.

Voor zover eiser stelt dat hij vanwege zijn ziekte onvoldoende heeft kunnen meewerken, doet dat dus voor de toepassing van dit artikel niet ter zake.

Gelet op het voorgaande heeft de rechtbank terecht geoordeeld dat niet is gebleken van voldoende medewerking aan de zijde van eiser en terecht een onzijdig persoon benoemd.

Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.

Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.

Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.

Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.