De Rechtbank Overijssel heeft onlangs uitspraak gedaan over de vraag of een vordering tot het verstrekken van informatie over een nalatenschap, waarbij een ouderlijke boedelverdeling tot stand was gebracht, was verjaard.
Eiser is de zoon van moeder (gedaagde) en overleden vaderen.
Vader heeft over zijn nalatenschap beschikt bij testament, opgemaakt op 18 april 1975.
Erfrecht. Verdeling van een nalatenschap. Ouderlijke boedelverdeling. Recht op informatie. Boedelbeschrijving. Is de vordering tot het verstrekken van informatie verjaard?
De rechter oordeelt als volgt.
Het testament van vader is opgemaakt in 1975 en zijn nalatenschap is opengevallen bij zijn overlijden.
Beide rechtsfeiten hebben dus plaatsgevonden onder de werking van het oude erfrecht.
De ouderlijke boedelverdeling blijft in stand na de inwerkingtreding van het nieuwe recht.
Namens moeder is in verband daarmee een beroep gedaan op verjaring van de vorderingen die betrekking hebben op afgifte van of inzage in stukken uit die periode en op afgifte van een boedelbeschrijving.
Voor de beoordeling van het verjaringsverweer is het volgende van belang.
Vanaf het moment dat de nalatenschap is opengevallen, had eiser aanspraak kunnen maken op een boedelbeschrijving om duidelijkheid te verkrijgen over de omvang van de nalatenschap op dat moment.
Als de wet niet anders bepaalt, verjaart een rechtsvordering op grond van artikel 3:306 BW immers in ieder geval na verloop van 20 jaar.
Ten aanzien van de vordering van eiser om afgifte van een boedelbeschrijving met stukken of inzage daarin, ligt het op zijn weg om te stellen welke inspanningen hij heeft verricht om informatie over de nalatenschap te verkrijgen.
De rechtbank constateert dat eiser voor het eerst in deze procedure heeft gevraagd om informatie.
De dagvaarding dateert van 4 mei 2023, dat is meer dan 33 jaar na het overlijden van vader.
Niet gesteld of gebleken is dat tussentijds stuitingshandelingen zijn verricht.
De rechtbank gaat er daarom vanuit dat het recht om aanspraak te kunnen maken op informatie en afgifte van stukken inmiddels is verjaard.
De nalatenschap is immers al ruim dertig jaar geleden opengevallen.
De vordering van eiser tot afgifte van informatie en het aanleveren van een boedelbeschrijving wordt daarom afgewezen.
De bewindvoerder van moeder heeft overigens aangevoerd dat moeder de executele destijds niet zou hebben aanvaard.
Als dat het geval zou zijn, zou dat betekenen dat de erfgenamen gezamenlijk de taak hadden om de nalatenschap af te wikkelen.
In dat geval zou eiser net zozeer daarvoor verantwoordelijk zijn geweest als zijn moeder.
Als van die situatie sprake zou zijn, bestaat er geen grondslag voor de vordering van eiser jegens zijn moeder betreffende het aanleveren van informatie en het opmaken van een boedelbeschrijving.
Los van het voorgaande heeft de bewindvoerder van moeder nog het verweer gevoerd dat financiële stukken zoals belastinggegevens uit de periode van het overlijden van vader en bankafschriften niet meer zijn te verkrijgen als gevolg van het tijdsverloop en dat moeder niet meer beschikt over administratie uit die tijd.
De rechtbank is van oordeel dat een vordering tot afgifte van stukken die er niet meer zijn, niet kan worden toegewezen.
Dus ook in dat opzicht strandt de vordering van eiser tot afgifte van informatie.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.