Het Gerechtshof Den Haag heeft onlangs uitspraak gedaan over de waardering van de inboedel uit een nalatenschap.
Op 2 mei 2009 is erflaatster overleden.
Op 9 september 2010 heeft de notaris appellante bij brief laten weten dat geïntimeerde geïnformeerd wenst te worden over de afwikkeling van de nalatenschap en haar rechten met betrekking tot de nalatenschap.
Uit de stukken en uit hetgeen is gesteld tijdens de pleidooien is gebleken dat het geding zich toespitst op een aantal onderdelen, o.a. over de waarde van de inboedel.
Erfrecht. Verdeling van een nalatenschap. Waardering van de goederen van de nalatenschap. Waardebepaling van de inboedel. Bewijs. Kunst. Schilderijen. Taxatie.
De rechter oordeelt als volgt.
De rechtbank heeft voor de inboedel een waarde gehanteerd van € 5.000,-.
De rechtbank heeft daarbij, bij gebreke van een taxatie of ander schriftelijk stuk van de zijde van appellante omtrent de waarde, aangesloten bij het bedrag dat geïntimeerde in redelijkheid aan de inboedel heeft toegekend.
De rechtbank gaat er daarbij vanuit dat geïntimeerde onweersproken heeft gesteld dat erflaatster over “mooie spullen” beschikte waaronder Perzische tapijten, zilver, dure machines, bontjassen, een postzegelverzameling en een flatscreentelevisie uit 2007.
In hoger beroep betwist appellante deze waarde.
Volgens appellante is de inboedel niet meer waard dan € 1.000,-, zoals hij stelt in de grief.
Appellante legt een niet gedateerd overzicht van de inboedel van erflaatster over (bij de memorie van grieven) en verwijst voorts voor de samenstelling van de inboedel naar de lijst zoals overgelegd achter document D 182 (aangetroffen inboedel ten tijde van overlijden erflaatster).
Volgens appellante ontstijgt de inboedel, waaronder de schilderijen van Anton Muller, niet de waarde van de kringloopwinkel.
Geïntimeerde is van mening dat de inboedel meer dan € 5.000,- waard is, mede gezien hetgeen zij in eerste aanleg reeds ten aanzien van de kostbare spullen in de inboedel heeft gesteld.
Zij is echter bereid zich bij het bedrag van € 5.000,- neer te leggen om de zaak snel en praktisch te kunnen oplossen.
Naar het oordeel van het hof heeft appellante in hoger beroep geen concrete feiten en omstandigheden gesteld op grond waarvan tot een ander oordeel moet worden gekomen dan de rechtbank heeft gedaan.
De twee door appellante overgelegde lijsten zijn daartoe onvoldoende.
Deze lijsten zien alleen op de omvang van de inboedel van erflaatster en geven geen indicatie voor de waarde van deze inboedel.
Ook de overgelegde screenshots van internet van schilderijen van Anton Muller zijn niet toereikend.
Het hof begrijpt dat deze dienen om een waarde-indicatie aan te geven van de schilderijen van Anton Muller die zich in de inboedel bevinden.
Het had dan echter op de weg van appellante gelegen om deze schilderijen – die zich al lange tijd in zijn bezit bevinden – te laten taxeren.
Nu appellante onvoldoende naar voren heeft gebracht, komt het hof niet toe aan getuigenbewijs.
De grief van appellante slaagt dan ook niet.
Wilt u de gehele uitspraak bekijken? Klik dan hier.
Heeft u een vraag aan onze advocaat verdeling erfenis over de vereffening of verdeling van een erfenis, over de uitleg van een testament of over de nietigheid van een testament, over de taken en bevoegdheden van de executeur, over het kindsdeel of over de legitieme, belt u dan gerust onze advocaat verdeling erfenis op 020-3980150.
Wilt u meer weten over de verdeling van een erfenis, bezoek dan onze website over de verdeling van een erfenis. Klik dan hier.
Wilt u meer weten over het erfrecht, bezoek dan onze website van ons advocatenkantoor. Klik dan hier.